header

PAYDOG - INHOUD
terug naar


PLAYDOG - voorbeeld van de inhoud



LOPENDE ZAKEN


Ik schrijf dit Midzomer. Na een kille lente begon in mei dan toch plotseling de zomer met heerlijk warm weer en toen het veld boordevol behendigheidsenthousiastelingen zou zijn was het plotseling weer ontstuimig herfstweer!
De Behendigheidswedstrijd verliep overigens goed en vlot en ondanks de vele rondwaaiende tenten hebben alle honden goed kunnen lopen. Lof aan de organisatie en alle winnaars gefeliciteerd!
Aan het behendigheidsfront heeft Sjun de Wit zich weten te kwalificeren voor het Wereldkampioenschap IMCA dat dit jaar voor het eerst - in september - in Nederland zal worden georganiseerd, we zijn trots dat hij kan meedoen.
Van de KK-cursisten heeft aan vijftal in juni examen gedaan, we wachten nog op de uitslag en wensen hen en degenen die later dit jaar opgaan veel succes. Ze hebben er hard voor gewerkt!
De gehoorzaamheidstrainingen en de showtraining hebben het voorjaarsseizoen alweer afgesloten. Op het GG-front zijn we er alweer helemaal aan gewend dat er examens worden gedaan. Dit jaar voor het eerst ook in het voorjaar, dus twee keer per jaar. Het slagingspercentage lag iets lager, maar de herkansing komt dus sneller.
Voor de Clubmatch op het veld ligt alles op schema, een week voor sluiting zo'n 100 inschrijvingen. We hopen dat iedereen komt meegenieten van mooie honden van tenminste 43 verschillende rassen en in het bijzonder van de Jack Russel Terriers die een mooie afvaardiging sturen.
Tot 9 juli.
Jettie Alberts, voorzitter.



AGILITYWEDSTRIJD
"Waar is mijn tent?" "In de boom!" Een veelgehoorde uitroep tijdens onze jaarlijkse Agilitywedstrijd, die dit keer op 20 mei plaatsvond. Pluvius en Aeolus streden om het hardst wie het meeste ongemak zou veroorzaken en ze konden er allebei wat van. Het aantal tenten dat uit de bomen moest worden geplukt was niet meer te tellen, inclusief die van ons zelf. Na weken van droog en mooi weer moest het uitgerekend deze dag hozen en stormen. De weersomstandigheden heb je nu eenmaal niet in de hand. In de middaguren staakten de weergoden hun geraas en werd het toch nog redelijk. Het aantal verregende formulieren was echter groot.
320 deelnemers hadden zich aangemeld voor de klassen A en B1-selectie. Het hadden er veel meer kunnen zijn, maar Cynophilia houdt strak de hand aan het maximaal aantal starts per keurmeester; de B1 lopers hadden voorrang tot vier weken voor de sluiting van de inschrijving, hetgeen betekende dat de A-lopers al na twee weken naar de wachtlijst verbannen werden. Uiteindelijk moest er een lange rij definitief worden afgewezen. De afgewezenen krijgen nog een herkansing tijdens onze Avondwedstrijd in juli.
Het wedstrijdsecretariaat was in handen van Relinde en Bas Peschier en Margreet Muurling debuteerde als wedstrijdleider; zij had alles en iedereen uitstekend onder controle. De keuringen werden verricht door Jan Langius, Arjen van Gastel en Ron van Straaten. Simone van Doleweerd trad voor het eerst op als kantinebeheerder. Zij had op het laatste moment nog een EHBO-er geregeld, nadat onze vaste hulp plotseling onvindbaar was gebleken. Hij behoefde niet in actie te komen.
Een bijzonderheid tijdens deze dag was de loterij ten bate van Rick en Alice Koster die enkele maanden geleden tijdens een grote brand hun hele hebben en houden inclusief hun drie honden verloren. De loterij bracht 650,- op, alsmede een nog onbekend bedrag in de melkbus; ook per giro komen er nog bedragen binnen, zodat het eindbedrag nog niet bekend is.
Het zijn altijd lange dagen voor de vele medewerkers, die al om 7 uur 's morgens aanwezig zijn en in de avonduren op hun tandvlees de laatste opruimwerkzaamheden verrichten (en dan blijkt achteraf altijd weer dat er het een en ander vergeten is). Alle natte medewerkers onze hartelijke dank.
Een grote berg verwrongen tentkarkassen bleef op het terras achter als stille getuige.
Ankie v.d. Berg-Hage
De uitslagen van de leden van de KCZIJ vind je bij Agilitywedstrijd Webmaster

Agility

Agility
Agility
Agility
Agility
Agility
Agility
Agility



FEITEN EN FABELS OVER VOEDING - DEEL 1
Inleiding
In de huidige tijd komt er steeds meer belangstelling voor de voeding van mens en dier. Een Grieks wijsgeer, Hippocrates, zei 2500 jaar geleden al: "laat voeding uw eerste medicijn zijn". Het probleem wat zich nu voordoet is dat het moeilijk is om aan algemene kennis te komen over de voeding van de hond. Internet kan soms helpen maar daar lijken ook meer fabels dan feiten te huizen. Daarom nu in een aantal artikelen informatie over de voeding van de hond. In de tekst zal verder uitgegaan worden van de voeding van de hond tenzij anders vermeld.
Waarvoor dient voeding?
De voeding dient in de eerste plaats de energie te leveren die een hond nodig heeft om te kunnen functioneren. De westerse hond leeft bij een omgevingstemperatuur die lager is dan zijn eigen lichaamstemperatuur dus het dier zal er voor moeten zorgen niet af te koelen. Daarnaast is energie nodig voor allerlei stofwisselingprocessen en activiteit.
Een 2e belangrijke functie van de voeding is het aanleveren van alle benodigde voedingsstoffen. Het dier moet vele stoffen maken zoals weefselcomponenten, enzymen, hormonen, etcetera. Voor sommige bouwstenen is de hond volledig afhankelijk van de voeding omdat het dier niet in staat is deze zelf te maken. Indien een stof via de voeding voorzien MOET worden spreken we van een "essentiële voedingsstof".
Rasgebonden verschillen
De behoefte van een hond aan energie en voedingsstoffen is geheel afhankelijk van de omstandigheden. Hierbij valt te denken aan omgevingsfactoren (temperatuur), fysiologische factoren (groei, dracht, werk) en aan rasgebonden factoren.Omgevingsfactoren en fysiologische factoren zijn gemakkelijk voor te stellen en ook bij de mens gekend. Maar rasgebonden factoren zijn natuurlijk meer bijzonder. Zo is bij de Dalmatische hond de fysiologie van de urinewegen wat anders dan bij andere rassen zodat urinewegproblemen hier eerder op kunnen treden. Bij de Bedlington Terrier weten we dat er een kans bestaat dat de koperstofwisseling niet goed functioneert. De Engelse Cocker en de Shar-Pei kunnen moeite hebben met hun vitamine A voorziening en enkele rassen waaronder de Siberische Husky, kunnen problemen hebben met de opname van zink uit de darm.
Al deze bovengenoemde aandoeningen kunnen leiden tot problemen met een orgaan of algehele malaise voor het dier. Indien deze zaken bekend zijn en het werkingsmechanisme van de aandoening wordt door de wetenschap ontrafeld dan kan een aangepaste voeding helpen. Daar tegenover staat dat bij onvoldoende kennis en / of onjuiste voeding problemen opgewekt kunnen worden.
Heeft een dergelijke aandoening een erfelijke achtergrond dan is het natuurlijk zaak om de verspreiding binnen het ras zo nauwkeurig mogelijk in beeld te brengen en vervolgens met foktechnische maatregelen de aandoening uit te bannen.
Dit waren enkele voorbeelden van voedingsgerelateerde aandoeningen ten gevolge van een afwijking binnen een ras. Een ander gekend rasverschil is dat een Labrador van 40 kilogram met dezelfde activiteit als een Duitse Herder van 40 kilogram 12% minder kan eten en toch keurig in conditie blijft. Hier zien we dus een rasverschil inzake efficiëntie van vertering en / of stofwisseling. Dit verklaart tevens het feit dat de zogenaamde algemene voertabellen afwijkingen kunnen vertonen bij individuele honden.
Ondervoorziening
Bij een onjuist voerbeleid kan een dier in een tekortsituatie worden gebracht.
Betreft het een tekort aan energie dan zal de hond teruggrijpen op zijn eigen lichaamsreserves en eerst de vetreserves aanspreken alvorens de eiwitreserves te gaan verbranden. Uitwendig zal de eigenaar na verloop van tijd als eerste vermagering opvallen.
Tekorten aan voedingsstoffen zijn soms zichtbaar. Een bekend voorbeeld hiervan is het tekort aan foliumzuur ten tijde van de dracht. De kans op nakomelingen met een gespleten gehemelte is dan levensgroot aanwezig.
Het is tevens een mooi voorbeeld van de verstoorde balans tussen aanbod en behoefte. U kunt zich voortstellen dat de behoefte van een drachtige teef met in de baarmoeder tien pups heel anders kan zijn dan de behoefte van een teef met maar twee pups in de baarmoeder.
Het meest gevaarlijk is de situatie waarbij een ondervoorziening optreedt waarvan de gevolgen niet direct zichtbaar zijn maar die pas later in alle ernst duidelijk worden. Zeker als dit in de éénmalige aanlegfase van organen en structuren gebeurt.
Uit de voedingsleer bij de mens is bekend dat kinderen die in hun jeugd onvolledig gevoed zijn geworden dat deze in het volwassen levensstadium hier gevolgen van kunnen ondervinden. Te denken valt hierbij aan slechte gebitten en gewrichten op oudere leeftijd bij de mensen die bijvoorbeeld in de Tweede Wereldoorlog hun jeugd gedwongen in kampen moesten doorbrengen.
Het grootste probleem is hierbij dat sommige lichaamsstructuren (zenuwstelsel, kraakbeen, gebitselementen) maar één keer aangelegd kunnen worden en in het latere leven niet meer "gerepareerd" kunnen worden. Daarom zijn aandoeningen van het zenuwstelsel, kraakbeen en gebit ook vaak zo definitief en ernstig.
Overvoorziening
Ook hier schuilen behoorlijk wat risico's waar zeker geldt dat eigenaren zich niet voldoende rekenschap geven van de mogelijke gevolgen.

De aanwezigheid van de vele dieren met overgewicht in Nederland laat al zien dat veel honden een overmaat aan energie krijgen. Dit kan ernstige gevolgen hebben voor de gezondheid van het dier. Met name bij de kat zien we dan nu ook het aantal gevallen van suikerziekte al toenemen.
Een veel gehoorde uitspraak is: "baat het niet dan schaadt het niet".
Dit hoor ik eigenaren regelmatig zeggen over het gebruik van vitamine C.
Vitamine C heeft verzurende eigenschappen en veel vitamine C werkt dan ook verzurend op het lichaam en de lichaamsvloeistoffen.Een overmaat vitamine C wordt via de urine uitgescheiden, dit is een feit. Het is een fabel dat overmaat vitamine C niet schadelijk kan zijn. Gezien de eerder genoemde verzuring kan het wel degelijk gevolgen hebben. Daarnaast verstoort vitamine C bij groeiende honden het wankele evenwicht tussen botopbouw en botafbraak, nodig voor een goede skeletontwikkeling.Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat een overmaat vitamine C het optreden van skeletafwijkingen tijdens de groei kan bevorderen. Voorlopig wordt dus het toevoegen van vitamine C naast volledige voeding aan jongen honden in de groei afgeraden.
Ik hoop met bovenstaande uw interesse te hebben gewekt voor een verantwoorde voeding van de hond. In volgende afleveringen komen eiwitten, vetten, mineralen, vitaminen en overige relevante zaken nog uitgebreid aan bod.
©Dierenarts B.J. Carrière, Dierenkliniek Ermelo, Sterkliniek dierenartsen. 20-03-2006
www.dierenkliniek-ermelo.nl
dierenkliniekermelo

Naschrift van de Redactie:
Het ligt in de bedoeling om in de komende edities van de Playdog een aantal aspecten van de Voeding aan bod te laten komen en de visies van verschillende personen te publiceren. Niemand heeft de wijsheid in pacht en het publiceren van een bepaald artikel wil niet zeggen, dat de Redactie van mening is, dat dit het enig juiste is. Juist op het gebied van Voeding reageren honden (en katten en mensen) heel verschillend en de Voeding die voor de ene hond ideaal is kan voor een andere verkeerd uitpakken.




OVERPEINZINGEN VAN EEN HONDENMENS
Zaterdagmiddag APK voor de honden, 180 nagels, 20 oren, 10 neuzen enz. enz. Vet, oliedoekjes, de elektrische tandenborstel (vinden ze niet zo leuk) en terwijl je automatisch bezig bent dwalen je gedachten af naar de 1e of 15de hond. Elke hond heeft of had zijn leuke of rare dingen. Eigenlijk zou je alles eens op moeten schrijven, vandaar dit epistel.
Onze eerste kwam uit het asiel, ruim een jaar oud, al een halfjaar zwervend door de stad. Vanwege zijn kleur hebben we hem naar de dokter uit een toen populaire tv serie genoemd, Peyton place. Dr. Rossi. Met hem hebben we rare maar ook leuke dingen meegemaakt. Hij was gek op een pilsje en in een onbewaakt ogenblik heeft hij oudejaarsavond een glaasje boerenjongens te pakken gekregen, stomdronken natuurlijk. Onze tweeling waren zijn afgoden en kwam als vreemde niet te dichtbij want een snauw was dan je deel. Eén keer per week gingen we naar oma, de tweelingwagen vol met luiers en dergelijke, hond aan de lijn en een wandeling van ruim 1 ½ uur dwars door de stad, terug gingen we met de auto. Na een paar maanden belde oma en deze meldde dat de hond bij haar was. Dit kon kloppen ook want 's morgens was hij hem gesmeerd toen de melkboer aan de deur stond. Een paar maal hebben we hem opgehaald maar toen zei ik eens, stuur hem maar terug en wel hoor; een uur later hoorde ik hem blaffen en stond meneer weer voor de deur. Geen deur was veilig voor hem, hij kreeg ze open, zelfs een schuifdeur met boven in een haak. Hij bleef net zo lang springen tot hij met zijn neus de haak eraf had en dan met zijn poten de deur kon openschuiven. Dit gebeurde meestal wanneer er loopse teven in de beurt waren. (Ik praat nu over 35 jaar geleden, in die tijd liepen er veel honden los).
Hij raakte op leeftijd dus ook in verband met de kinderen hebben we een pup
gekocht. Onze keus viel op een boxer. We noemden haar Tanja, Het klikte meteen
tussen de oude reu en jonge teef, samen ontwikkelden ze spelletjes. Op de hei
bijvoorbeeld: 50 meter verderop zagen ze een hond, keken elkaar aan en weg waren ze. Niet rechttoe rechtaan maar van twee verschillende kanten, een tangbeweging.Ze deden geen vlieg kwaad maar een lol dat ze hadden. Tanja had tijdens de opfok een tekort of teveel aan kalk gehad, haar botten in de voorpoten groeiden krom en dus moest ze in de spalken. Gelijktijdig liep één van de jongens met een gebroken arm.'''

Met Tanja deed ik G&G en daar zie je soms de verkeerde hond bij de verkeerde eigenaar. Bijvoorbeeld een reus van een English Mastif met een mevrouw op naaldhakken midden op de hei. Stel je voor, de hond was ook na een aantal maanden weg, met de bekende smoes. Rossi was 12 jaar toen wij hem in moesten laten slapen, hij had kanker. Maar Tanja werd ziek, ze miste haar maatje. Ze wilde niet eten, zat treurig in een hoekje.
Er stond een verhuizing op stapel en met die hoop "een andere omgeving misschien gaat het dan beter'. Maar nee: iets na drie maanden was de raad van de dierenarts om een teckelreutje erbij te nemen en ja hoor het was weer feest. Met Tanja heb ik ook diverse dingen meegemaakt. Toen ze nog een pup van een paar maanden was, was ze op een middag zoek. We hadden alles afgezocht, de tuin, de straat, eigenlijk de hele wijk maar ze was nergens te vinden. Ik was behoorlijk overstuur. Na verloop van een paar uur kwam ze vrolijk uit de gang, daar had ze liggen slapen op mijn kameelkleurige montycoat.
We kwamen op een ochtend uit bed en in de honden mand lag een monster doodziek opgezwollen lijf vol bulten en hoge koorts. Lopen kon ze niet dus in een deken en op naar de dierenarts. Spin opgegeten, een allergische reactie. Een prik en 's middags was ze weer de dame. Tanja kon beslist niet zwemmen. We lagen met de boot bij Weesp en 's morgens even uitlaten. Ze had de fietser niet gezien en sprong zo het water in, waar ze langzaam naar de bodem zonk. Gelukkig had ze d'r halsband om en met een flinke ruk was ze weer op het droge. Door de komst van Pasja, onze langharige teckel, knapte ze binnen de kortste keren weer op, al moet ik zeggen dat Pasja nooit echt mijn hond is geweest. Hij vloog voor één van de jongens, binnen 14 dagen was zijn standpunt: jij (ik dus) bent voor het eten en het uitlaten maar de rest is voor hem.
Pasja sliep op bed in een doos, was binnen drie weken zindelijk, hoorde zijn baasje van ver al aankomen en was dan met geen stok bij de deur vandaan te krijgen. Ik liep toen op Zweedse klompen en tijdens het uitlaten in het park met een bal spelen ben ik per ongeluk op zijn staart gaan staan, gelukkig op het gras. Jaren later als je aan Pasja vroeg hoe het met zijn staartje was, kwam hij nog zielig, met zijn staart tussen zijn benen, bij je. Tanja kon niet tegen het geluid van een mondharmonica, dan strekte ze haar kop en hief een wolvengeluid aan. Pasja reageerde niet.
Pasja zal een paar maanden oud geweest zijn toen ik voor het eerst die hondjes met die grote oren zag op een tentoonstelling in Leeuwarden. Ik was op slag verliefd, maar ja, drie kinderen, twee honden en de rest (katten, vogels, vissen, konijnen). Ik heb het over de Franse Buldog.Even wachten dus en sparen want toen waren ze ook al duur. Een ding stond alleen wel vast, ooit zou er één komen en één met stamboom. Wel ben ik gaan kijken op shows, lesmateriaal en ander informatie verzameld.Ik schrok toen wel een beetje van de gemiddelde leeftijd, acht jaar is erg kort. Maar Joli kwam ruim een jaar later en dat ging zo:
Zoals zoveel mensen gingen we 'een dagje vogeltjes markt' doen, de kinderen mee. Dochterlief zat in volle aanbidding voor een kooitje met een dwergkeesje erin, van pappa mocht ze, maar mamma zei nee, een hond erbij oké maar dan wel een Franse Buldog. Na een middagje bellen, kwam Joli in mijn leven, ze was een bonte teef van 9 weken. Mooi, nee, maar wel lief. Tanja en Pasja waren pa en moe. Tanja had nooit pups gehad maar nam meteen de moederrol op zich. Luieren als de beste. Dit drietal heeft me heel wat fijne uren bezorgd. Tanja en Joli door de plassen en Pasja zweefde er gewoon overheen. Door weer en wind op een ruig terrein. Pasja had altijd van die grote klitten bollen in zijn vacht dus knipte ik hem een paar maal per jaar heel kort, alleen zijn oren en staart liet ik lang wat een koddig gezicht was. Met Joli ging ik naar de puppycursus, ze was de beste van allemaal, ABC en GG1, voor het landelijke examen kon ze niet meedoen, ze vertikte namelijk het vooruitsturen. Met oefeningen met het doosje kaas deed ze het als de beste maar als je de kaas wegliet: ho maar.
De één zegt stomme hond, de ander slim, daar is niets dus ging ze niet. Hindernisbaan was ze één van de beste maar wel met het gevolg dat ze een nekhernia kreeg op de leeftijd van vier jaar. Ze is geopereerd en is 12 jaar geworden. Honden wachten soms op hun baasje, ook zij.
Ik was voor een bezoek van 14 dagen bij mijn zus in Amerika geweest, de tweede dag na mijn thuiskomst begon ze 's avonds rondjes te draaien, meteen in de auto naar de dierenarts. De volgende ochtend was ze er niet meer. Hersenbloeding, ze heeft gewacht.
Met haar (Joli) heb ik mijn eerste nestje gefokt, niet om het fokken maar gewoon omdat ik een pup van haar wilde, haar karakter. Ik had een paar shows gelopen en mijn keus viel op Elvador als vader, een reu die toen bijna alles won, een fijn karakter had en kon misschien ook de foutjes van Joli (ze was wat fijntjes) een beetje verbeteren. Elvador is, denk ik, bijna 14 jaar geworden. Joli werd slechts één keer gedekt na een aantal bezoekjes bij een zogenoemde aanwijsreu. In dit geval was het een ervaren foxterriër. Het resultaat was een nestje van vijf pups na een natuurlijke bevalling. Ik hield Rani, een pikzwarte teef. En ja hoor, meer geshowd, meer U-tjes en na de G&G en hindernisbaan werd showen mijn hobby, wat het nu nog steeds is. Fokken is leuk maar showen is leuker. Maar wil je showen moet je fokken omdat je dan enigszins kunt zeggen wat er komt, niet voor de hele 100%, maar na een aantal generaties komen honden terug.
Nu waren er dus vier honden. Tanja kreeg last van spondylose en even waren we bang maar met een korrelkussen tegen stijf worden en een druppeltje elke morgen, ging het prima met haar. Tanja was de corrigeermoeder, ze was een echte Alphateef op latere leeftijd gaf dat, naar buiten toe gaan, soms wat problemen maar ja, ik ben de baas dus erge dingen zijn er niet gebeurd. Dit is een beetje de volgorde van mjjn eerste vijf honden, wat nu volgt is niet meer achter elkaar maar gewoon een greep, de ene keer 2 jaar terug, het volgende verhaaltje 10 jaar terug. Net hoe het in mijn hoofd opkomt.
Xanti d'r tweede nestje: er was maar één pup maar gelukkig een teefje. Ze zag er goed uit en ondanks dat het er maar één was, toch blij. Het was omdat haar eerste nest van 5 stuks goed had grootgebracht, anders had ik aan haar getwijfeld. Het begon ermee dat ze geen melk had, ook niet na een dag. Dus met de fles aan de gang maar moeder moest niets van haar kind weten. Ze gooide het kleintje van de ene in de andere hoek, ze schudde het als een prooi en ondanks mijn zorgen ging het pupje dood na 2 ½ dag. Het volgende nest kreeg Xanti weer vijf pups, het nest is prima groot geworden. Zo zie ja maar, hondenmoeders weten het beter dan de mens. Er was iets fout met die pup uit het tweede nestje.
Xanti was drachtig van haar derde nestje en begon te trekken met haar voorpoot, die ook heel erg dik werd. Ik kon niets vinden dus naar de dokter, pootje kaal geknipt boven de tenen en wat vonden we tussen twee tenen; een minuscuul gaatje met iets eruit. Zonder verdoving hebben we dat gaatje een klein beetje groter gemaakt en er kwam een graskruipertje uit. Ze liet zich gelukkig rustig helpen, een paar dagen antibiotica op haar positie afgestemd en alles was weer achter de rug.
(wordt vervolgd)
Aafke Engel



SPROOKJE VOOR DE HONDENLIEFHEBBER - DEEL 5
Doggeez
Terugblik: Er was eens een Planeet genaamd Dogz. Hier leefden dominante en intelligente wezens genaamd Doggeez. Zij communiceerden via snelle bewegingen van de ogen, ultrasone geluiden en telepathie. Op deze planeet leefden ook de veel minder slimme wezens genaamd mensen. Door hun kleine hersencapaciteit konden zij de Doggeez niet verstaan. Zij begrepen alleen het gesproken woord. De Doggeez gebruikten de mensen voornamelijk als 'huismens'.
De Doggeez die speciale huismensen gefokt hadden wilden de eigenschappen van deze mens graag bewaren. Het innerlijk en uiterlijk van deze gefokte mens werden nauwelijks nog gebruikt, maar toch. Het zou zonde zijn wanneer het typische van deze mensen verloren zou gaan. Ook al kwamen er erg veel problemen voor bij bepaalde huismensen in Doggeezgezinnen.
De Jachtmens compleet met hoedje, fluitje en geweer gaf nog wel eens wat onrust in een Doggeezgezin, vooral binnenshuis. De ADHD-mens ( de Altijd Doorgaan Hoelang het ook Duurt mens) tuurde eindeloos naar het t.v.- of computerscherm terwijl het Doggeezgezin het fijner vond als hij lekker ging slapen. De waak- en verdedigingsmens was vrij kort van stof en snel aangebrand, waarom ging dát nou niet lekker met kleine Doggeez-kinderen?
Het was niet zo dat er niets met deze huismensen gedaan werd. Om de zoveel weken gingen zij mee naar een heel groot gebouw. De hele Doggeezfamilie kwam voor dag en dauw uit de veren speciaal voor hun huismens. De auto die speciaal voor de huismensen was aangeschaft werd helemaal volgeladen en zo gingen ze op reis. De liefde voor de huismens ging ver, het mocht een centje kosten. Doggeez
De huismens had ondertussen niet door dat dit speciaal voor hem geregeld was. Hadden ze met de Doggeez kunnen communiceren dan hadden ze vast om iets anders gevraagd. Een dagje picknicken in het bos, winkelen of naar het pretpark bijvoorbeeld.
Nu gingen ze naar dat hele grote gebouw waar heel veel Doggeez met hun huismensen kwamen. Een minder leuke ervaring kregen ze bij de ingang alwaar een vreemde Doggz zijn vingers niet bij zich kon houden. De Doggeezfamilie liet dat zomaar gebeuren. Ze hielpen zelfs mee met vasthouden wanneer een huismens probeerde weg te komen. Normaal gesproken mocht zelfs een goede bekende niet zo intiem worden bij een huismens, laat staan een vreemde Doggz.
In het grote gebouw kregen de huismensen een speciale ketting om. Deze kettingen waren van goud (het mocht een centje kosten) en heel erg dun, wel pijnlijk voor de huismens wanneer hij trok. En hij moest nogal eens trekken om uit de drukte te komen. Ook hier waren huismensen die niet zo vriendelijk leken en dan konden ze maar beter het zekere voor het onzekere nemen. Door de verschillende eetkraampjes vergaten de mensen ook wel eens dat ze beter niet konden trekken. Het was een drukte van belang, net de huishoudbeurs in goede dagen op zaterdagmiddag.
Gelukkig werd de huismens snel in een vreemd kooitje gezet alwaar hij van de rust kon genieten.
De mensen wisten niet dat ze meededen aan een competitie. Het was wel een vreedzame competitie, de Doggeez gunden elkaar de winst van harte. Het ging er veel gemoedelijker aan toe dan bij de wedstrijden waar mensen tegen elkaar moesten vechten. De huismensen moesten toentertijd in arena's tegen elkaar vechten totdat de dood erop volgde. Dat waren andere tijden hoor, dat gebeurde in het jaar kruikje!
Dit was de schoonstevanhetlandcompetitie.
Sommige huismensen dachten ook bekenden te zien van uit hun jeugd maar ze mochten elkaar niet even begroeten. Het was stilstaan of lopen aan het gouden kettinkje. Het was niet zomaar lopen hoor het was een hoge-hakken-race. Wanneer een mens niet op hakken rende dan werd hij aan de ketting omhoog getrokken.
Er waren ook huismensen waar de Doggeez een spel mee deden; galgje genaamd. Degene die het langste op z'n benen kon blijven staan werd niet gestropt. Ondertussen probeerden de Doggeez ze uit hun evenwicht te brengen door het gebruik van gasflessen, scharen en kammen. Sommige huismensen waren hier heel goed in en hielden het de hele dag vol.
Ondertussen was de competitie in volle gang. Tijdens zo'n dagje uit moesten de huismensen natuurlijk ook wel eens toiletteren. Alleen mocht dat ook hier natuurlijk niet op het toilet. Ze werden wel mee naar buiten genomen maar daar konden ze ook niets doen want op de stoep mocht het ook nooit. Je rook wel de urine van mensen die het niet meer op hadden kunnen houden; oh jee……! Doggeez
Aan het einde van de dag mochten de gelijkgestemde mensen samen bij elkaar komen in een ring. Nu was het maar afwachten hoe een Doggz op zijn huismens reageerde, de ene keer was hij boos en de andere keer wild. Dan moest de mens oppassen want dan werd hij zomaar omhoog gegooid. Ook werd er dan in zijn ogen geflitst en als beloning stond daar dan een zak gezondemensenbrokjes. De Doggeez waren meer dan tevreden met hun huismens. Hij was de schoonste van het land en ze leefden nog lang en gelukkig. Wordt vervolgd?
T. Kok



CLUBMATCH 2006
De voorbereidingen voor de Clubmatch op 9 juli aanstaande zijn in volle gang. Het wordt onze tweede buitenclubmatch op het eigen terrein.
De keurmeesters zijn de dames Wil Schrander, Joke Bode en Godelief de Wit. Als bijzonderheid wordt er een Jack Russell Special gehouden; alle Jack Russels met stamboom kunnen tegen een gereduceerd tarief inschrijven.
Inschrijven is mogelijk tot 1 juli; online via www.kczy.nl of telefonisch via het secretariaat, 075-6223575.
De Clubmatchcommissie
( Clubmatch Webmaster 17-07-06)

KILLERTEEK IN OPMARS
In Nederland is een teek in opmars, die de zeer gevaarlijke ziekte Babesiosis overbrengt. Deze Dermacentorteek hoort eigenlijk in de Tropen thuis, maar blijkt ook in ons land te kunnen overleven. Er zijn in ieder geval al vier honden overleden aan deze ziekte.
Een goede tekenbestrijding is dus van groot belang; er zijn verschillende middelen in de handel, raadpleeg hierover uw dierenarts. Draag beschermende kleding wanneer u in het bos gaat wandelen, bij voorkeur geen korte broek of korte mouwen. Inspecteer mens en hond wanneer u van de wandeling terugkomt. Ziet u een grote rode ronde vlek, neem dan contact op met uw huisarts.
Er zijn verschillende soorten teken in onze omstreken. De "gewone" teek Ixodes Ricinus kan de ziekte van Lyme overbrengen, zowel bij honden als ook bij mensen; alleen de Dermacentorteek kan de voor honden dodelijke zieteverwekker Babesia canis bevatten. Een vaccinatie is inmiddels mogelijk.
Het is zaak een eenmaal aanwezige teek zo snel mogelijk te verwijderen; een tekentang is een handig attribuut tijdens de wandeling; teken houden zich op in struikgewas, twijgen, grashalmen, droge planten etc. Probeer nooit een teek te "verdoven" met alcohol of brandende sigarettenpeuken, want als de teek "in de stress" raakt, gooit hij onmiddellijk al zijn gifstoffen in zijn gastheer.
Bron: Dierenarts Herman Aa, Dagblad "De Telegraaf"



GEBOORTEBERICHT
Golden Retriever - 11 juni 2006 - 6 reuen en 4 teven
Vader: Shardanell Castaspell
Moeder: English Rose of the Morning Valley
Fokker: Wim en Anita Conijn, Wormer



INVENTIEF
Een jaar of twee geleden heeft onze Gemeente in haar onmetelijke wijsheid besloten, dat een groot deel van het Noordsterpark in Wormerveer tot verboden gebied moest worden verklaard om toch vooral de vissers alle ruimte te geven. De hele winter zie je geen hengel, maar toch moest het gebied het hele jaar onbeperkt beschikbaar zijn. De door de Gemeente geplaatste aanlegsteiger ligt in het losloopgedeelte. De gemeentelijke planologen hadden kennelijk zwaar getafeld.
Aan beide kanten van het water kwam een verbodsbord te staan.
De hondenbezitters pikten het niet en hadden binnen een dag beide borden van de paal losgeschroefd en in de vijver gegooid. Het Noordsterpark is het enige losloopgebied in heel Zaanstad - Noord; de overige stroken die als losloopgebied zijn aangemerkt liggen midden in de woonwijken en grenzen direct aan de rijbaan; geen zinnig mens die daar een hond los laat lopen. De Hermandad rukte uit met stapels bonnenboeken om die onverbeterlijke onderwereldfiguren op de bon te slingeren, maar helaas, een lege paal was alles wat zij aantroffen en zij moesten onverricht ter zake terugkeren.
De Gemeente kwam al snel met nieuwe borden, maar die waren ook weer even snel in de duistere diepte verdwenen. "We zullen die criminelen wel eens een lesje leren" sprak onze locale overheid en de volgende serie borden werd voorzien van extra bevestigingsmateriaal. Het kostte iets meer moeite, maar ook deze serie volgde de weg van zijn voorgangers; een van de wandelaars is met een bouwvakker getrouwd en heeft een complete gereedschapskist in haar auto staan; de benodigde sleutels waren snel gevonden.
De derde serie borden werd gevolgd door een vierde en een vijfde; geen enkel bord bleef langer dan 48 uur intact; "Wat wordt het hier toch druk" spraken de vissen tegen elkaar.
Toen meende de Gemeente Het Licht te hebben gezien. Tegen de sleuteldrift van hun tegenstanders konden zij niet op en dus besloten zij de borden niet meer te schroeven maar te lassen. Zo, dat zou dat tuig wel leren! Een knappe kop die dat nog loskrijgt.
Inderdaad, dat kreeg niemand los, maar hondenliefhebbers zijn niet voor een gat te vangen; de vermaledijde borden werden al snel voorzien van grote vierkante stickers met " Vis Dagschotel" erop; in plaats van een verbodsbord stond er nu een reclamebord voor Vis van de Dag. Briljant! Weer viste de sterke arm achter het net.
"Dat kost 25,- per hond" mopperde de gemeenteambtenaar die de stickers kwam weghalen.
Dan moet je de mensen toch eerst betrappen.
Een week later waren de borden zwart geschilderd; de bonnenboekjes verpieterden in de binnenzakken. Maar de Gemeente liet het er niet bij zitten. Er kwam een wagentje met een man met een grote lap en die poetste de borden weer schoon; het kostte wat moeite, maar de borden blonken een ieder weer tegemoet.
Opnieuw bleken de hondenbezitters zeer inventief. Een deel van de afbeelding werd weggekrabt, zodat er een soort theekopje overbleef. Verboden voor theekopjes! Later kwam er iemand met een pot grijze verf die de gehate borden van een grijs jasje voorzag. Wat zal de volgende zet van de Gemeente zijn?
Wordt ongetwijfeld vervolgd.
Ankie v.d.Berg-Hage



TENTOON STELLINGSBERICHTEN
KING CHARLES SPANIEL
Zuidlaren, 5-3-2006
Tess de la Rivieroise --- 1U res.CAC/res.CACIB --- openklas
Vienna de la Rivieroise --- 1U CAC/CACIB --- tussenklas
Royal Desire Midnight Silence --- 2U --- jeugdklasse
Goes, 19-3-2006
Royal Desire Midnight Storm ---1U CAC --- jeugdklasse
Royal Desire Midnight Silence --- 2U res. CAC --- jeugdklasse
Royal Desire Flaming Arrow --- 1U res. CAC --- veteranen
Vienna de la Rivieroise --- 2U res. CACIB --- openklas
Leeuwarden, 17-4-2006
Royal Desire Midnight Silence --- 1U CAC BOB
Orléans, (F), National d'Elevage, 30-4-2006
Royal Desire Midnight Storm --- 2U --- intermediaire
Royal Desire Midnight Silence --- 1U res. CACS --- intermediaire
Vienna de la Rivieroise --- 3U --- openklas
Parijs, Championnat de France, 17-6-2006
Royal Desire Midnight Silence --- 3U --- intermediaire
Eigenaar Ankie v.d.Berg-Hage



IMCA & PAWC
Dit jaar wordt de 7e IMCA & 5e PAWC gehouden in Amersfoort.
Nederland zal voor de eerste keer gastland zijn voor dit geweldige Agility Evenement en daar zijn we enorm trots op!
Kom kijken, de toegang is gratis en het is zeker de moeite waard!!
Hier wat uitleg hoe de IMCA & en PAWC zijn onstaan.
De International Mix & Breed Championship Agility ( IMCA ) en ParAgility World Cup ( PAWC) zijn Wereldkampioenschappen behendigheidsport ( agility) voor ras- en rasloze honden voor valide handlers (IMCA) en handlers met een lichamelijke handicap (PAWC).
De wereldkampioenschappen worden ieder jaar in een ander land gehouden. In 2006 zal Nederland voor de eerste keer gastland zijn voor deze wedstrijd!
Deze wedstrijd wordt gehouden in sporthal "Zielhorst" te Amersfoort op 31 augustus, 1-2 en 3 september 2006.
Agility is ontstaan in Engeland en voor de eerste keer geshowd in mei 1978 op de grote wereldtentoonstelling De Crufts in London.
Vandaar is de sport meegenomen naar Nederland door Mw. Loes van den Boogaard en Mw. M.Tittel- Schilperoort.
De eerste demonstratie werd getoond in 1980 op de hondententoonstelling De Winner in Amsterdam.
In Nederland heeft de Koninklijke Nederlandse Kennelclub Cynophilia een landelijke wedstrijdcompetitie opgezet. Deze werkt onder de regels van Federation Cynologique Internationale ( F.C.I.) een internationaal orgaan betreffende rashonden. Deelname aan deze Nederlandse competitie is mogelijk voor ras- en rasloze honden. Het verschil tussen ras- en rasloze honden is alleen, dat rashonden erkend zijn door 'n rasvereniging en in het bezit zijn van een stamboom.
Zowel ras- als rasloze honden beoefenen gelukkig beide met evenveel plezier de agility!
Bij deelname aan het Nederlandse Kampioenschap is het wel mogelijk voor een rasloze hond om Nederlands kampioen te worden, echter alleen rashonden worden uitgenodigd deel te nemen aan de FCI-wereldkampioenschap agility.
Naar aanleiding van deze regel is in 2000 in Italië de 1e IMCA ontstaan en was het mogelijk voor rasloze honden deel te nemen aan een wereldkampioenschap agility.
De 2e IMCA werd georganiseerd in 2001 in Tsjechië, daar volgde ook de beslissing om voortaan niet meer te discrimineren en ook rashonden toe te laten. Bij de 3e IMCA 2002 in Hongarije werd voor de 1e keer de PAWC georganiseerd.
Ik heb vanaf 2002 meegeholpen voor het gedeelte PAWC bij de Internationale Organisatie IMCA & PAWC. In het begin ( en nog steeds) voornamelijk met het zoeken naar nieuwe deelnemers voor deze Wereldkampioenschap voor gehandicapten, zowel nationaal als internationaal en het opzetten van regels voor de PAWC.
In Hongarije is de PAWC gestart met totaal 11 deelnemers, met o.a. iemand uit de U.S.A..
In 2003 werd de 4e IMCA & 2e PAWC gehouden in Spanje met voor de PAWC totaal 17 deelnemers.
In 2004 werd de 5e IMCA & 3e PAWC in Oostenrijk gehouden met inmiddels 28 deelnemende honden voor de PAWC, waaronder een deelneemster uit Zuid- Afrika.
De IMCA telde het 1e jaar 90 deelnemers, in 2005 opgelopen tot 155. De verwachting is dat dit aantal zal gaan stijgen. Tot nu toe deden er teams mee van verschillende Europese landen: Duitsland, Finland, Hongarije, Italië, Oekraïne, Oostenrijk, Portugal, Roemenie, Rusland, Slovenië, Slowakije, Spanje, Tsjechië, Zwitserland en Nederland, die ook vanaf het begin heeft deelgenomen. Informatie over het Nederlandse team op: www.imcanederland.nl Maar ook deelnemers van buiten Europa, U.S.A. en Zuid Afrika.
Tevens een trouwe deelnemer elk jaar weer uit Mexico, dit jaar in Italië met een team van 4 personen. Wij verwachten voor 2006 deelname van nieuwe teams uit België, Denemarken, Noorwegen en misschien Engeland.
Informatie op : www.para-agility.nl
Susan Rekveld, namens de



GG EXAMENS

Na het novemberexamen in de sneeuw hadden we nu besloten tot een examen in juni, ervan uitgaande dat het dan vast beter weer zou zijn. Beter weer was het inderdaad, de thermometer passeerde de 30 graden grens en de mussen vielen dood van het dak. Tja, het is ook nooit goed.
Dertien kandidaten deden examen bij keurmeester Mevr. De Jonge van Cynophilia in de categorieën GG-B, GG-1, GG-2 en GG-3.
Er was door iedereen hard getraind, maar op zo'n dag moeten alle stukjes op z'n plaats vallen en honden zijn nu eenmaal geen machines. Sommigen haalden de vreemdste capriolen uit; "dat doen ze anders nooit!".
Toen de rookwolken waren opgetrokken bleken vijf kandidaten geslaagd te zijn, drie deelnemers haalden een half diploma en de overigen mogen het de volgende keer nog eens proberen.
De dag werd besloten met een voortreffelijke lunch, verzorgd door Simone. In november stortte iedereen zich op de erwtensoep in een poging om weer enigszins warm te worden, nu moest een fruitsalade voor verkoeling zorgen.
UITSLAGEN
GG-B
Carola Bloemer - Cocos - Zwitserse Witte Herder - 270,5 geslaagd
Elianne Kok - Annabelle Poedel - 237,5 geslaagd
Mirjam Kramer - Diesel Border Collie - 220 ½ diploma
Wil v.d. Valk - Camiel Poedel - 209 ½ diploma
Ankie v.d. Berg - Milou King Charles Spaniel - 190 gezakt
Minimum aantal punten voor een half diploma 192.
Minimum aantal punten om te slagen 224
Maximum 320 punten
Twee keer een half diploma = geslaagd
GG-1
Tessie Kok - Ticket Border Collie - 289,5 geslaagd
Jacqueline Verschuren - Knowme Border Collie - 256,5 geslaagd
Nicolien de Waal - Nina X Stabij - 212 ½ diploma
Bea Duinmeijer - Nanja Labrador - 142,5 gezakt
Minimum aantal punten voor een half diploma 190
Minimum aantal punten om te slagen 224
Maximum 320 punten
GG-2
Tessie Kok - Yem Border Collie - 234 geslaagd
Lenie Obbink - Arte Kooikerhondje - 191,5 gezakt
Aty Schipper - Roan Kruising - 162 gezakt
Minimum aantal punten om te slagen 224
Maximum 320 punten
GG-3
Margreet Muurling - Bright Zwitserse Witte Herder - 163 gezakt
Minimum aantal punten om te slagen 224
Maximum 320 punten
Ankie v.d.Berg-Hage




PUPPYBEZOEK DUITSE PINSCHER
In Krommenie houden Jan en Ria Wezel domicilie in een royale drive-in woning; zij hebben een nestje van het niet zo bekende ras Duitse Pinscher. Jan en Ria hadden in het verleden een rasloze hond en twee Dobermanns, alvorens zij op hun huidige ras overstapten.


PinscherPinscher

De vader van het nest heet Lina Enebys wan Zebulan en woont in Duitsland; de moeder is Arjenne Indy de L'Admiroir (Indy); na een vergeefse reis naar Duitsland tijdens Indy's voorlaatste loopsheid, had de tweede trip meer succes en werden er na een probleemloze zwangerschap en dito bevalling drie pups geboren, twee rode reutjes en een black & tan teefje. Pinscher-pupHet is het eerste nestje van Jan en Ria. Het teefje zal in huize Wezel blijven; de reutjes krijgen nieuwe eigenaars; eentje gaat er naar Amersfoort en de andere zal de Belgische contreien onveilig gaan maken. Het trio verblijft momenteel in de puppyren en daar zijn ze het niet geheel en al mee eens. Met een diepe denkrimpel in hun voorhoofd zitten ze te verzinnen hoe ze hier nu weer uit moeten komen. Over afleiding hebben ze echter niet te klagen; in de weekeinden gaan ze mee naar het tweede huisje in Overijsel, ze hebben in de spreekkamer van de dierenarts rondgerend, van tijd tot tijd worden ze buiten rondgedragen en dan hebben ze nog een grote tuin en een balkon tot hun beschikking.
PinscherDe Duitse Pinscher is, zoals de naam reeds doet vermoeden, afkomstig uit Duitsland. De voorouders van de Pinschers en de nauw aan hen verwante Schnauzers werden eeuwenlang gebruikt als hofhonden en rattenvangers; zij leefden veelal in de stallen. Pinschers zijn altijd gladharig, Schnauzers ruwharig. Zij waren de honden van de "gewone man" in tegenstelling tot de jachthonden, die door hooggeplaatste personen werden gehouden.
De Duitse Pinscher en zijn "kleine broer" de Dwergpinscher werden lange tijd beschouwd als twee variëteiten van hetzelfde ras. Aan het eind van de negentiende eeuw werden beide rassen gescheiden. De "grote broer" is de Dobermann, die tot voor enkele jaren ook "Pinscher" achter zijn naam had staan. De kleine Dwergpinscher kende een grote populariteit aan het eind van de jaren '50 en het begin van de jaren '60 met wel 1100 jaarlijkse inschrijvingen in het NHSB. De Duitse Pinscher daarentegen is altijd een bescheiden ras geweest en gebleven. Beide rassen komen voor in de kleuren Rood en Black & Tan en beiden werden vroeger gecoupeerd aan staart en oren.
Gravure-pinscherBijgaande gravure toont een Duitse Pinscher uit de encyclopedie van Graaf Henri van Bylandt uit 1904.
In Duitsland wordt de Pinscher voor het eerst in een boek beschreven in 1836. De auteur beschrijft hem als een slanke, krachtige hond, opgewekt en beweeglijk en zonder valsheid. Hij heeft een aangeboren neiging tot jagen en graaft daarom graag de mollen uit de grond en jaagt tevens op ratten.
Rond de eeuwwisseling raakte de Duitse Pinscher in verval. Zoals in zo veel landen, gaf men de voorkeur aan buitenlandse rassen en werden de producten van eigen bodem ernstig verwaarloosd. Ook de Nederlanders keerden zich van hun eigen rassen af totdat de Tweede Wereldoorlog zorgde voor een wederopstanding van nationale gevoelens en pogingen tot herstel van wat verloren was gegaan.
Het voortbestaan van de Duitse Pinscher hing aan een zijden draadje. De bekende Duitse kynoloog Werner Jung ging in de jaren '50 hoogstpersoonlijk op zoek naar overgebleven exemplaren. Een enkele teef werd door toeval gered en werd de stammoeder van de hedendaagse fok. Alle hedendaagse honden gaan terug naar vijf stamhonden van Werner Jung.
De eerste Duitse Pinscher uit de historie die Nederlandse bodem betrad, de reu Agrett's Rakker, was niet afkomstig uit Duitsland, maar uit Zweden; we schrijven het jaar 1968. Ook de eerstvolgende rasgenoot, de teef Desiree, kwam uit het Hoge Noorden (1971). Met deze twee honden en twee latere importen uit Duitsland ging de fokkerij van de Duitse Pinscher in Nederland van start.
Inmiddels staat het ras op een behoorlijk hoog peil en zijn er voldoende liefhebbers om de toekomst te waarborgen.
PinscherDe Duitse Pinscher is een "recht voor zijn raap" ras; normaal gebouwd, geen poespas, geen overdrijving, niets; flinker en steviger dan de Dwergpinscher, handzamer dan de Dobermann; hij is geschikt voor vele soorten van hondensport, Flyball, Behendigheid, Breitensport en natuurlijk GG en/of Obvedience. U kunt met hem fietsen en bergen beklimmen, alleen zwemmen is doorgaans niet zijn hobby. Hij vraagt wel een baas die iets met hem gaat doen, want het haardkleedje is niet aan hem besteed, althans niet voor hele dagen. Als hij zich voldoende heeft kunnen uitleven wil hij zijn buik wel roosteren voor de kachel, maar krijgt hij niets te doen dan kan hij aardig vervelend worden.
Ankie v.d.Berg-Hage
Jettie Alberts



IN DIENST VAN DE MENS : LIJKENHOND
Het woord "lijkenhond" klinkt veel mensen morbide in de oren. Het is ook wel een morbide woord, maar het geeft wel precies aan wat een dergelijke hond doet, nl. het zoeken van menselijke lichamen of delen daarvan. In dit artikel zal ik iets vertellen over het trainen van lijkenhonden en het daarna betrekken op mijn situatie.
Wat is de drijfveer?
Een lijkenhond opleiden doe je niet zomaar. Je wordt niet 's ochtends wakker met die gedachte en je kunt ook niet naar de dichtstbijzijnde KC gaan om daarvoor een training te volgen. Je moet echt je hond hierop willen trainen en er veel voor over hebben. Er is discipline nodig om je hond de juiste zoekwijze aan te leren en de juiste manier van verwijzen, maar bovenal moet je zelf veel, ontzettend veel leren. Mijn motivatie om te beginnen met deze tak van zoekwerk was een combinatie van factoren: graag met de hond willen werken en iets willen betekenen voor de maatschappij. Verder bezat ik natuurlijk een hond die goed en graag zijn neus gebruikte en woonde ik in de buurt van een speurhondeninstructeur.
Wat doet een lijkenhond en hoe?
Een definitie van een lijkenhond is: een hond die getraind is om een lucht te detecteren en aan te geven, door middel van lichaamstaal (actief of passief) of verbaal, welke in een bepaalde omgeving aanwezig en afkomstig is van een composterend menselijk lichaam of resten daarvan. Kortom, een hond die heeft geleerd dat hij naar geur van overleden personen moet zoeken en die na het vinden hiervan melding maakt aan zijn geleider.
De hond traceert een spectrum van geuren die vrijkomen wanneer een mens overlijdt. Welk deel van de mens dan ook beschikbaar is (lichaamsvocht, haar, bloed etc), deze bevatten allemaal diezelfde geurdeeltjes (en uiteraard nog wat persoonsspecifieke geuren). Zo maakt het voor een lijkenhond dus niet uit of er een geheel lichaam gezocht moet worden of slechts een stukje hoofdhuid met haar.
De honden zoeken in principe met de neus hoog, omdat zij de lucht moeten opvangen die door de wind meegenomen wordt. Een speurhond die een spoor moet volgen van bv een misdadiger, zal het spoor kunnen uitwerken, want er is een beginpunt en een eindpunt van het spoor. In het geval van een lijkenhond is niet bekend waar het slachtoffer ligt en of het er überhaupt ligt. Bovendien heeft het slachtoffer vaak zelf geen spoor achtergelaten naar de plaats waar hij/zij zich later bevindt.
Zodra de hond een windbaan heeft opgevangen, dan zal deze de lucht volgen naar een bepaald punt, waar de lucht het sterkste is. Soms is het dan voor de hond nog nodig om de exacte locatie te bepalen door vlak boven de grond te zoeken.
Wanneer de hond de oorsprong van de lucht gevonden heeft, zal deze een melding geven aan de geleider om duidelijk te maken dat hij iets gevonden heeft. Dit kan passief (liggen, zitten), actief (krabben, graven) of verbaal (blaffen).
Het aanleren
Het aanleren van het zoekwerk is gelijk aan het aanleren van zoveel oefeningen, nl je leert de hond dat hij door een bepaalde actie een beloning kan verdienen. In ons geval een speeltje voor het aangeven van een lucht. Liever geen voertjes, want dat zou de hond teveel kunnen afleiden. Het begin van de aanleerfase is afhankelijk van de aard van de hond, maar doorgaans wordt begonnen met het apporteren van lucht in bv een pvc pijpje. Daarna kun je het pijpje verstoppen waar de hond er niet bij kan en daarbij zijn speeltje verstoppen. Zodra de hond enige interesse toont, wordt het speeltje gepakt om de hond te belonen. Zo wacht je steeds langer met het geven van de beloning om de hond meer gedrag te laten vertonen. Je wilt immers dat de hond een herkenbare melding geeft. Zo wordt de hond steeds fanatieker op de lucht en kun je deze moeilijker gaan verstoppen, bv in kasten, onder de grond en in bomen.
Het komt voor dat de hond een flinke tijd moet zoeken voordat hij een lucht oppikt, dus de hond zal zeer gemotiveerd moeten blijven, ook als hij moe is en lang niet beloond wordt. Dus je zorgt ook dat de hond leert langer te zoeken voordat de lucht gevonden wordt. Belangrijk is dat de hond een melding leert maken voor slechts een beetje lucht, omdat één enkele kies al kan leiden naar een grotere vondst.
Remy en ik als team
Toen mijn reu Remy -I Am Lisa's Son from Bonnies Clan- (Flanders Pride Vivaldi x Gealic Pride from Bonnie's Clan) ongeveer 1,5 jaar was, ben ik begonnen met het zoekwerk. Door omstandigheden kon ik niet eerder beginnen en trainde ik niet veel. Het is jammer dat ik zo laat begonnen ben met trainen. Ik zal in ieder geval met een nieuwe hond direct beginnen.
Remy leerde in het begin heel snel. Hij apporteert alles dus die fase was geen probleem. Daarna moesten we hem leren een duidelijke melding te geven. Dit moest gebeuren zonder druk, anders liet Remy het afweten. Omdat hij nogal beweeglijk was, besloten we hem de "down" als melding aan te leren. Dit kwam er eigenlijk op neer dat wanneer Remy de lucht getraceerd had en er een beetje omheen draaide, ik heel zachtjes "down" fluisterde om er zo weinig mogelijk druk op te leggen. De hond moet het immers vrij snel uit zichzelf doen. In een later stadium wacht je gewoon totdat de hond de melding geeft: het lijkt een beetje op clickertraining, gewoon wachten totdat de hond het gewenste gedrag vertoont. En daarna natuurlijk supergoed belonen. Die beloning bestond de eerste tijd uit een trekspelletje en later uit een tennisbal. Ik merkte nl dat wanneer Remy moe was (een half uur zoeken in het begin is heel vermoeiend voor de hond) hij minder interesse toonde in een trekspelletje, maar dat hij de bal wel bij zich hield.
Daarna kwamen de, voor mij als handler, moeilijke zaken, nl het leren uitwerken van een terrein en het leren "lezen" van de hond. Bij het uitwerken van het terrein, ga je het zogenaamde revieren in praktijk brengen. Dus het uitwerken van vlakken (delen terrein) tegen de wind in. Die vlakken maak je in je hoofd om te zorgen dat je niets van het terrein vergeet en het maakt de oriëntatie binnen het terrein gemakkelijker. Een behoorlijk lastig punt is het bepalen van de windrichting. Remy-graaft-in-pakhuisOp een grote open vlakte is dat nauwelijks een probleem, echter wanneer je in een open plek in het bos staat, dan kan het wel eens zo zijn dat de wind draait of van een andere kant die open plek binnenkomt. Als je de verkeerde windrichting kiest, zou de hond het wel kunnen vinden, echter hij (en de geleider ook natuurlijk) verspilt dan zoveel onnodige energie. Dat is niet verstandig wanneer je die dag nog meer terreinen moet doorzoeken. Mijn grootste probleem in het begin was het "lezen" van Remy. Daar ik zo laat met het trainen ben begonnen, heeft Remy de neiging ook wel eens tijdens het zoeken zijn poot op te tillen. Dit is natuurlijk niet de bedoeling en bovendien kan een hond ook een melding maken door te urineren. Dus ik moest leren wanneer Remy nog aan het zoeken was en wanneer hij "voor zichzelf bezig" was. Het heeft me heel lang gekost om te leren dat Remy eerst begint te kwispelen als hij een lucht ruikt. Als hij er dan niet bij kan komen, gaat hij het proberen uit te graven. (zie foto hierboven)
Hij eindigt zijn melding altijd met het liggen bij de lucht, het liefste met zijn kop ernaast op de grond. (zie foto hieronder)

Remy-melding-bij-hand
.
Door de neiging van Remy om los van de lijn veel te markeren en er een lolletje van te maken, zoekt hij aan de lange lijn. Hoewel dit soms onhandig is, heeft het ook voordelen, want ik ben altijd dicht bij mijn hond en kan zijn signalen (dit kan zelfs alleen maar een hoofdbeweging zijn) goed oppikken. We hebben veel gelachen om het feit dat Remy mij door bosjes en struiken sleurt om bij de lucht te komen. In het begin nl liep hij er niet rustig op af, maar zette zijn achterpoten aan het werk en stoof weg! Aangezien Remy bijna 40 kilo spieren is, was er voor mij geen houden aan en kleefde ik regelmatig tegen een boom. Nu heeft hij inmiddels geleerd dat zijn geleider maar twee benen heeft en dat die zijn tempo niet bij kan houden. Hij houdt het nu bij een drafje …
Het examen
Op 30 december 2005 deden Caroline Haaker en ik, voor het eerst examen met onze honden. Caroline met Millers Square Najla (Quail's Mister v.d. Hooydam Hoeve x Millers Square Tyra), een zwart teefje en ik met Remy. Een ieder die zich die dag nog voor zich kan halen, weet dat er toen een flinke laag sneeuw lag. Dat bemoeilijkte het zoeken in die mate voor zowel de honden als de geleiders, dat wij beiden toen niet slaagden voor het examen. Het 2e examen stond gepland voor 12 mei. Ook toen gooide het weer wat roet in het eten, doordat het flink warm was. Hierdoor werd besloten het examen de avond ervoor te beginnen, zodat we op 12 mei alleen 's ochtends nog proeven hoefden af te leggen.
Het examen lijkenhond bestaat uit 6 onderdelen: een terrein van 4000 m2, onder steen, onder de grond (+/- 5 cm), in of nabij water, auto's of vrachtwagen en een gebouw.
De gebruikte luchten liggen tussen enkele uren en enkele dagen op de betreffende locatie. In werkelijkheid zijn de gebruikte geuren ouder; ze liggen natuurlijk al enige tijd opgeslagen.
In totaal heb je ongeveer 3 uur de tijd voor al deze proeven. Dit geeft je dus weinig tijd om fouten te maken of om de hond tussendoor rust te gunnen.
De proeven verliepen allemaal naar wens en zelfs de proef die ik het meeste vreesde, de 4000 m2, verliep naar wens. Binnen 2 minuten al had hij de lucht opgevangen en getraceerd. Remy-bij-vrachtwagenWat was ik blij, want tijdens het eerste examen had ik ruim een uur gebaggerd door een flinke laag sneeuw en water!
Voor Najla, slechts 1,5 jaar oud, maar ook voor Remy, is zo'n examen behoorlijk vermoeiend, hoewel ze in de tijd tussen het eerste en tweede examen geestelijk beiden flink gegroeid zijn. Dat de honden nu al beter zijn dan wij als geleider, bleek wel tijdens het laatste onderdeel, nl in of nabij water. De honden hadden allebei allang door waar ze moesten zijn, maar wij wilden daar niet aan! Toch is het voor allebei goed geëindigd.
Caroline en Najla behaalden vijf van de zes proeven en Remy en ik zes van de zes. Echter dat hoeft niet persé te zeggen dat een combinatie dan geslaagd is. Per proef worden er punten toegekend voor zowel geleider (max 5) en hond (max 10). Om te slagen moet een geleider minimaal 15 punten en de hond minimaal 35 punten behalen. Iedere keer als de geleider bv de wind verkeerd inschat of niet doorgaat op een melding van de hond, gaan er punten vanaf. Iedere keer als de hond bv urineert of een melding maakt, maar er niet op doorgaat, gaan er punten vanaf. Zo kom je tot een puntentotaal en weet je pas of je geslaagd bent of niet. We bleken gelukkig allebei genoeg punten te hebben voor een certificering!
Hoe nu verder?
Uiteraard trainen, trainen en nog eens trainen, omdat wij zeker als geleiders moet blijven bijleren. We zullen dan ook veel praktijktrainingen gaan doen, op verschillende locaties *. Over twee jaar moeten we ons opnieuw certificeren, omdat de combinatie moet blijven bewijzen op een bepaald niveau te zijn, voor het geval je nodig bent bij een zoekactie.
Ikzelf geniet nog steeds het meest van het feit dat ik zo'n geweldig veelzijdige hond heb, die zich zowel bewijst op show, in de GG als in het zoekwerk. Hij laat ook echt zien dat een showgefokte hond niet onder hoeft te doen voor een hond uit een jachtlijn qua werk.
Bij dezen willen wij Cor Oldenburg bedanken voor de vele uren die hij aan ons besteedt en wij hopen natuurlijk een visitekaartje te zijn voor zijn Speurhonden Instructie School.
Voor meer informatie: www.speurhondeninstructieschool of www.mykelti.nl
* Mocht u locaties weten (liefste in Noord-Holland) waar wij kunnen trainen (vooral gebouwen), neemt u dan aub contact met ons op via Mykelti



DIERENARTSEN IN UW OMGEVING
AKERSLOOT
H. de Jong Koningsweg 1 0251-315519
ASSENDELFT
Dierenartspraktijk Assendelft Dorpsstraat 733 075-6875465
E. van Gijtenbeek Veenpolderdijk 3 075-6877266
BEVERWIJK
Dierenartsenpraktijk Goedhart Bullenlaan 8 0251-264254
Dierenartsenpraktijk Meyling Duinwijklaan 49 0251-212031
CASTRICUM
Dierenkliniek Castricum Ln v. Albert's Hoeve 140 0251-654345
Geesterduin Dierenkliniek Raadhuisplein 7 0251-655910
HEEMSKERK
Dierenkliniek Centro G.v. Assendelftstraat 15 0251-210551
Dierenkliniek Heemskerk Jan van Scorelstaat. 54 0251-244300
KOOG A/D ZAAN
Dierenartsenprakt. Koog-Zaandijk Hoogstraat 17 075-6163674
Dierenartsenpraktijk P.D.J. Top Legerland 48 075-6173566
KROMMENIE
Dierenartsenpraktijk Krommenie Noorderhoofdstraar 24 075-6281406
OOSTZAAN
Chr. Van Dijk Zuideinde 53 075-6843092
PURMEREND
Dierenkliniek Centrum Purmersteenweg 13C 0299-421000
Dierenkliniek Grevelingenmeer Grevelingenmeer 177 0299-648000
Dierenkliniek De Purmer Westerweg 51 0299-644455
Dierenkliniek Waterland Waterlandlaan 102 0299-435674
Dierenkliniek Weidevenne Gangeslaan 78 0299-471074
UITGEEST
WORMERVEER
J. van Erp Zaanweg 25 075-6288193
ZAANDAM
Dierenkliniek De Saen Tjotterlaan 14B 075-6173911
Dierenartsenprakt. Westerwatering Langeweide 166 075-6160761


Welkom
Nieuws
Agenda
Clubmatch
Evenementen
Trainingen
Theorie
Samen-delen
Contacten
Locatie
Playdog
Linkpagina
. Bijgewerkt op:
27-06-2010