NAAM
Artikel 1. De vereniging draagt de naam: Kynologenclub Zaanstreek, IJmond en omstreken, hierna te noemen de vereniging.
ZETEL
Artikel 2. Zij is gevestigd te Zaanstad.
DOEL
Artikel 3.
Lid 1. De vereniging heeft tot doel fokkers en liefhebbers van rashonden nader tot elkaar te brengen en geïnteresseerden voor te lichten.
Lid 2. De vereniging tracht dit doel onder meer te bereiken door: a. het houden van vergaderingen; b. het doen houden van lezingen en het geven van cursussen op kynologisch gebied; c. het houden en steunen van clubmatches, tentoonstellingen en dergelijke; d. het bevorderen van het geven van gehoorzaamheidsoefeningen aan honden; e. haar leden voor te lichten bij aankoop, import, dekking benevens alles wat de fokkerij van honden betreft; f. het bevorderen van het inschrijven zowel van nesten, als van enkele honden in de Nederlandse hondenstamboekhouding; g. het verlenen van haar bemiddeling tot het laten registreren van kennelnamen bij de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland, gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen de Raad van Beheer; h. door behulpzaam te zijn bij de vorming en de instandhouding van een goed keurmeesterscorps; i. andere wettige middelen, die aan het doel bevorderlijk zijn of kunnen zijn, mits niet in strijd met de bepalingen en voorschriften van de Raad van Beheer.
Lid 3.De vereniging aanvaardt de rechtsmacht van de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland, hierna te noemen "De Raad" en de werking van de door of vanwege De Raad vastgestelde reglementen.
LIDMAATSCHAP
Artikel 4.
Lid 1. Leden van de vereniging kunnen zijn personen die de leeftijd van twaalf jaar hebben bereikt. Minderjarigen dienen bij aanmelding een schriftelijke toestemming van de wettelijke vertegenwoordiger over te leggen.
Lid 2. Ereleden van de vereniging zijn natuurlijke personen die zich jegens de vereniging bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt en daartoe door de Algemene Ledenvergadering met tweederde van het aantal geldig uitgebrachte stemmen zijn benoemd.
Lid 3. Naast ereleden, van wie de benoeming wordt geregeld in artikel 4 lid 2, kent de vereniging:
a. Leden van Verdienste. Voor de benoeming tot Lid van Verdienste komen in aanmerking natuurlijke personen, die zich jegens de vereniging in het bijzonder en/of de kynologie in het algemeen, gedurende een reeks van jaren verdienstelijk hebben gemaakt. De benoeming geschiedt door de Algemene Ledenvergadering met een meerderheid van het aantal geldig uitgebrachte stemmen.
b. Dragers van de Speld van Verdienste. Voor uitreiking van de Speld van Verdienste komen in aanmerking natuurlijke personen die zich jegens de vereniging in het bijzonder en/of de kynologie in het algemeen verdienstelijk hebben gemaakt. De uitreiking geschiedt door het bestuur, daartoe met algemene stemmen besloten hebbend.
TOELATING
Artikel 5.
Lid 1. Het bestuur beslist omtrent de toelating van leden.
Lid 2. Bij niet-toelating tot lid kan de Algemene Vergadering alsnog tot toelating besluiten.
EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP
Artikel 6.
Lid 1. Het lidmaatschap eindigt: a. door de dood van het lid; b. door opzegging van het lid; c. door opzegging namens de vereniging. Deze kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap bij de statuten gesteld te voldoen, wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren; d. door ontzetting. Deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
Lid 2. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
Lid 3. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken. Echter kan het lidmaatschap onmiddellijk worden beëindigd indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
Lid 4. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waarop was opgezegd.
Lid 5. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn lidmaatschap een besluit waarbij de verplichtingen van de leden van geldelijke aard zijn bezwaard, te zijner opzichte uit te sluiten.
Lid 6. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur.
Lid 7. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren en van een besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap staat de betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open bij de Algemene Ledenvergadering. Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
Lid 8. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desalniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.
JAARLIJKSE BIJDRAGE
Artikel 7.
Lid 1. De leden zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse bijdrage, die door de Algemene Vergadering zal worden vastgesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld die per categorie een verschillende bijdrage betalen. Lid 2. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een bijdrage te verlenen.
Lid 3. Ereleden zijn van betaling van een jaarlijkse bijdrage vrijgesteld.
BESTUUR
Artikel 8.
Lid 1. Het bestuur bestaat uit tenminste vijf en ten hoogste negen meerderjarige leden, die door de Algemene Ledenvergadering worden benoemd. De benoeming geschiedt uit de leden.
Lid 2. De benoeming van bestuursleden geschiedt uit een of meer bindende voordrachten, behoudens het bepaalde lid 3. Tot het opmaken van zulk een voordracht zijn bevoegd zowel het bestuur als tien leden. De voordracht van het bestuur wordt bij oproeping voor de vergadering meegedeeld. Een voordracht door tien of meer leden moet voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.
Lid 3. Aan elke voordracht kan het bindend karakter worden ontnomen door een met tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de Algemene Vergadering waarin tenminste twee/derde van de leden vertegenwoordigd zijn.
Lid 4. Is geen voordracht opgemaakt, of besluit de Algemene Vergadering overeenkomstig het voorgaand lid de opgemaakte voordrachten het bindende karakter te ontnemen, dan is de Algemene Vergadering vrij in de keus.
Lid 5. Indien er meer dan een bindende voordracht is, geschiedt, de noeming uit die voordrachten.
EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP - PERIODIEK LIDMAATSCHAP - SCHORSING
Artikel 9.
Lid 1. Elk bestuurslid, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd kan te allen tijde door de Algemene Vergadering worden ontslagen of geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
Lid 2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk drie jaar na zijn benoeming af volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreding. De aftredende is herkiesbaar, wie in een tussentijdse vacature wordt benoemt, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.
Lid 3. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts: a. door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging; b. door bedanken.
BESTUURSFUNCTIES - BESLUITVORMING VAN HET BESTUUR
Artikel 10.
Lid 1. Het bestuur wijst uit zijn midden een secretaris en een penningmeester aan. Het kan voor elk hunner uit zijn midden een vervanger aanwijzen. De functie van secretaris en penningmeester kan in een persoon verenigd zijn. De voorzitter der vereniging wordt door de Algemene Vergadering gekozen.
Lid 2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris notulen opgemaakt, die door de voorzitter en de secretaris worden vastgesteld en ondertekend. In afwijking van hetgeen de wet dienaangaande bepaalt, is het oordeel van de voorzitter omtrent de totstandkoming en de inhoud van een besluit niet beslissend.
Lid 3. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergadering van en de besluitvorming door het bestuur worden gegeven.
BESTUURSTAAK - VERTEGENWOORDIGING
Artikel 11.
Lid 1. Behoudens de beperking volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.
Lid 2. Indien het aantal bestuursleden beneden vijf is gedaald blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een Algemene Vergadering te beleggen waarin de voorziening in de open plaats of de open plaatsen aan de orde komt.
Lid 3. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies die door het bestuur worden benoemd.
Lid 4. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de Algemene Vergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt. Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden beroep worden gedaan.
Lid 5. Het bestuur behoeft eveneens goedkeuring van de Algemene Vergadering voor besluiten tot: 1. onverminderd het bepaalde onder 2. het aangaan van rechtshandelingen en het verrichten van investeringen een bedrag of waarde van vijfduizend gulden ( FL.5000.-- ) te boven gaande; 2a. het huren, verhuren en op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van onroerende goederen; 2b. het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verleend; 2c. het ter leen verstrekken van gelden, alsmede het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruik maken van een aan de vereniging verleend bankkrediet; 2d. het aangaan van dadingen; 2e. het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoire maatregelen en van het nemen van die rechtsmaatregelen, die geen uitstel kunnen lijden; 2f. het sluiten en wijzigen van arbeidsovereenkomsten.
Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden geen beroep worden gedaan.
Lid 6. Onverminderd het in de laatste volzin van lid 4 bepaalde wordt de vereniging in en buiten rechte vertegenwoordigd: a. hetzij door het bestuur; b. hetzij door de voorzitter en de secretaris; c. hetzij door twee andere bestuursleden.
JAARVERSLAG - REKENING EN VERANTWOORDING
Artikel 12
Lid 1. Het verenigingsjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december.
Lid 2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanig aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
Lid 3. Het bestuur brengt op een Algemene Vergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de Algemene Vergadering, zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen jaar gevoerd bestuur. Na afloop van de termijn kan ieder lid deze rekening en verantwoording in rechte van het bestuur vorderen.
Lid 4. De Algemene Vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een commissie van tenminste twee personen, die geen deel uit mogen maken van het bestuur. De commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de Algemene Vergadering verslag van haar bevindingen uit.
Lid 5. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzonder boekhoudkundige kennis, dan kan de commissie van onderzoek zich door een deskundige doen bijstaan. Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.
Lid 6. De last van de commissie kan te allen tijde door de Algemene Vergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andere commissie.
Lid 7. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 2 en 3, tien jaar lang te bewaren.
ALGEMENE VERGADERING
Artikel 13.
Lid 1. Aan de Algemene Vergaderingen komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.
Lid 2. Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een Algemene Vergadering -de jaarvergadering- gehouden. In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde: a. het jaarverslag en de rekening en verantwoording bedoeld in artikel 12 met het verslag van de aldaar bedoelde commissie; b. de benoeming van de in artikel 12 genoemde commissie voor het volgende verenigingsjaar; c. voorziening in de eventuele vacatures; d. voorstellen van het bestuur of de leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering.
Lid 3.Andere Algemene Vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.
Lid 4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste twintig leden verplicht tot het bijeenroepen van een Algemene Vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan overeenkomstig artikel 17 of bij advertentie in tenminste een veel gelezen dagblad.
TOEGANG EN STEMRECHT
Artikel 14.
Lid 1. Toegang tot de Algemene Vergadering hebben alle leden van de vereniging. Geen toegang hebben geschorste leden en geschorste bestuursleden.
Lid 2. Over toelating van andere dan in lid 1 bedoelde personen beslist de Algemene Vergadering.
Lid 3. Ieder lid van de vereniging dat niet geschorst is, heeft een stem.
VOORZITTERSCHAP - NOTULEN
Artikel 15.
Lid 1. De Algemene Vergaderingen worden geleid door de voorzitter van de vereniging of zijn plaatsvervanger. Ontbreken de voorzitter en zijn plaatsvervanger, dan treedt een der andere bestuursleden door het bestuur aan te wijzen als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelve.
Lid 2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een ander door de voorzitter aangewezen persoon notulen gemaakt, die door de voorzitter en de notulist worden vastgesteld en ondertekend. Zij, die de vergadering bijeenroepen kunnen een notarieel proces-verbaal van het verhandelde doen opmaken. De inhoud van de notulen of van het proces-verbaal wordt ter kennis van de leden gebracht.
BESLUITVORMING VAN DE ALGEMENE VERGADERING
Artikel 16.
Lid 1. Het ter Algemene Vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter dat door de vergadering een besluit is genomen is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voorzover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
Lid 2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het eerste lid bedoeld oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemmen.
Lid 3. Voorzover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de Algemene Vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
Lid 4. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
Lid 5. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming, of ingeval van een bindende voordracht, een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten plaats. Heeft als dan weder niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij een persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen de twee personen is gestemd en
de stemmen staken. Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de personen op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan een persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht. Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken beslist het lot wie van hen beiden is gekozen.
Lid 6. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende verkiezing van personen, dan is het verworpen.
Lid 7. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of een der stemgerechtigden zulks voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.
Lid 8. Een één stemming besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de Algemene Vergadering.
Lid 9. Zolang in een Algemene Vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen, dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding ook al heeft geen oproeping plaats gehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.
BIJEENROEPING ALGEMENE VERGADERING
Artikel 17.
Lid 1. De Algemene Vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de leden. De termijn voor de oproeping bedraagt tenminste zeven dagen.
Lid 2. Bij de oproeping worden de te behandelen onderwerpen vermeld, onverminderd het bepaalde in artikel 18.
STATUTENWIJZIGING
Artikel 18.
Lid 1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van de Algemene Vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijzigingen van de statuten zal worden voorgesteld, met uitzondering van hetgeen gemeld is in artikel 16.
Lid 2. Zij die de oproeping tot de Algemene Vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste veertien dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de wijziging woordelijk is opgenomen, ter kennis van de leden brengen.
Lid 3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft tenminste tweederde van de geldig uitgebrachte stemmen in een Algemene Vergadering.
Lid 4. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat daarop de goedkeuring van de Raad van Beheer is verkregen en hiervan notariële akte is opgemaakt. Tot het doen verlijden van de akte is ieder bestuurslid bevoegd.
ONTBINDING
Artikel 19.
Lid 1.De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de Algemene Vergadering. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van het voorafgaande artikel is van overeenkomstige toepassing.
Lid 2. De bezittingen der vereniging worden dan met inachtneming van artikel 1702 van het Nieuw Burgerlijk Wetboek bij gewone meerderheid van stemmen aan het Koninklijk Nederlands Geleidehondenfonds aangeboden. In geen geval mogen zij onder de leden worden verdeeld.
HUISHOUDELIJK REGLEMENT
Artikel 20.
Lid 1. De Algemene Vergadering kan een huishoudelijk reglement vaststellen.
Lid 2. Het huishoudelijk reglement mag niet in strijd zijn met de wet en/of de statuten.
Lid 3. Inzake gevallen waarin de statuten op het huishoudelijk reglement niet voorziet, voorziet het bestuur.
Aldus vastgesteld in de Algemene Ledenvergadering op 17 maart 1994 en notarieel vastgelegd op - Gemeente Zaanstad.
